Over Peter Snoeckx

Over Peter Snoeckx

Peter is management consultant met een focus op strategisch ICT-management.
Deze blog is zijn kijk op een aantal technologische evoluties die een impact hebben op de bedrijfsvoering. Deze vinden plaats in de bureau's (zoals 'Het Nieuwe Werken'), maar ook op de fabrieksvloer (bijvoorbeeld 3D printing).

Twitter

Search

maandag 15 december 2014

Mijn goed voornemen voor 2015: "Meer Falen"

'Falen' is een hype tegenwoordig. De angst om te mislukken wordt overwonnen! Als je niet van tijd tot tijd mislukt in iets, riskeer je niet genoeg om als mens of als organisatie vooruit te geraken.

Op 15 december was er in C-mine zelfs een congres van een hele dag met het thema 'failing forward'. Eén van de sprekers is een oude studievriend van me. Ik herinner me nog dat hij - ondertussen zo'n 20 jaar geleden - letterlijk en figuurlijk op een bierkaartje uitlegde met welke innovatie hij een bedrijf ging opzetten - gevolgd door de vraag "doe je niet mee?"
Enkele maanden geleden haalde hij de voorpagina's van de financiële berichtgeving omdat zijn bedrijf verkocht was voor honderden miljoenen euro!
Ik was net beginnen werken bij een groot gerenommeerd advieskantoor, en zat daar in m'n comfortzone. Achteraf gezien heb ik natuurlijk wel spijt dat ik niet even heb stilgestaan bij het 'ergste' wat er had kunnen gebeuren. Stel dat ik mee in het project gestapt was, en het zou geen succes zijn na een jaar, dan had ik weliswaar een jaar inkomen gemist (op dat moment nog zonder kinderen noch hypotheek is dat geen drama), maar had ik ook een rijke ervaring opgedaan die me onmiddellijk een andere interessante job had kunnen opleveren.  …maar de angst om te mislukken hield me tegen.

De aversie voor mislukken in onze bedrijfscultuur heeft nog een ander nadelig effect. Niet willen toegeven dat iets geen succes is, leidt ertoe toe dat projecten volharden, en van 'mislukking' uitdraaien op 'grote mislukking' of 'drama' afhankelijk van wanneer er eindelijk toch iemand de stekker uittrekt, of het project veel te laat en enorm over budget toch opgeleverd geraakt. Durven toegeven dat je niet op het juiste spoor zit, daar lessen uit leren, en hiermee rekening houden voor een volgend project bespaart geld en tijd.

Nicholas Taleb, de auteur van 'Black Swan' argumenteert in zijn vervolg 'Antifragile' dat systemen er op ontworpen
moeten worden dat het falen van één onderdeel, het systeem in z'n geheel niet in gevaar mag brengen, en zelfs steviger moet maken door de lessen die uit dit falen getrokken kunnen worden.
Dit lijkt tegen-intuïtief, maar in de natuur zijn er vele voorbeelden. Kijk bijvoorbeeld maar naar het resistent worden van bacteriën tegen antibiotica. De zwakke bacteriën worden door de antibiotica gedood, maar de enkele sterke die overleven, maken de kolonie op termijn sterker. Evolutie is wat dat betreft het opbouwen van een sterk systeem (het organisme) ten koste van het falen van zwakke onderdelen, lees zwakke genen die voor falende individuen zorgen.

Scott Adams, de auteur van Dilbert, is ook niet bang om te mislukken. In zijn boek 'How to Fail at almost everything and still win big' vertelt hij hoe hij in verschillende baantjes gefaald heeft, maar uiteindelijk wel aan het hoofd is komen te staan van een imperium van meerdere miljoenen dollar. Hij schrijft dat hij risicovolle zaken aantrekt omdat deze interessant zijn. Als hij niet slaag, heeft hij er een bijkomende ervaring aan overgehouden, en misschien wat inspiratie voor toekomstige Dilbert-strips.

Om af te sluiten nog twee citaten.

"As more companies attempt to innovate in their business models, there will be mistakes. Not everything will work, but there is a lot more to be learned when things go wrong than when things go right." - Richard Branson

"Success is walking from failure to failure with no loss of enthusiasm." - Winston Churchill

vrijdag 5 december 2014

Ecologische aspecten van 3D Printing

3D printen brengt een aantal interessante ecologische verbeteringen tegenover een normale manier van produceren. Er zijn echter ook enkele onverwachte nadelen.

Laat ons eerst de voordelen aanhalen. Het meest duidelijke is waarschijnlijk dat door de lokale productie overbodig transport vermeden wordt. Goederen die in massa gemaakt worden, moeten eerst nog van fabrieken, veelal in het Verre Oosten, naar de afzetmarkt vervoerd worden – in vele gevallen zit er meer lucht in de vrachtwagen of zeecontainer dan eigenlijk product.

Een tweede voordeel is het materiaalverbruik. Bij een traditionele productiemanier wordt dikwijls een blok materiaal verspaand en gefreesd. Dit levert niet alleen veel afvalmateriaal op, wat wel tot op zekere hoogte gerecycleerd kan worden, maar er is ook veel schadelijke koelvloeistof nodig om het proces onder controle te houden.
 3D printing – of ‘additieve productie’ om de hedendaagsere term te gebruiken – verbruikt in de eerste plaats veel minder materiaal. Er is nog altijd een vorm van ‘waste’, maar afhankelijk van het gebruikte productieproces is dit zeer beperkt. Naast de directe materiaalwinst, is er indirect de opportuniteit om het stuk op een totaal andere manier te ontwerpen zodat hiervoor ook minder materiaal nodig is.

De herkomst van dit materiaal kan door de producent beter gecontroleerd worden. Afhankelijk van de gewenste eigenschappen zijn er verschillende mogelijkheden op de markt. Deze vinden hun oorsprong niet alleen in de traditionele petrochemie, maar ook plastic poeders op basis van zetmeel of zelfs melk doen hun intrede.

Een laatste positieve milieubijdrage die 3D printen kan leveren is in het uitstellen van het wegwerpen van goederen.
 Onderdelen voor een herstelling kosten nu bijna even veel als een nieuw toestel. Door de mogelijk te geven om deze af te drukken wanneer ze nodig zijn, kan een dergelijke reparatie wél rendabel zijn.

Een eigenschap van 3D geprinte artikels is dat deze gepersonaliseerd kunnen worden voor de gebruiker. Het vermoeden dat deze hier dan een ‘hechtere’ ‘emotionele’ band mee heeft, en ze daarom langer blijft gebruiken, moet zich nog bewijzen. Het kan immers ook dat gebruikers die op een dergelijke manier een ‘uniek’ product wensen, net sneller overstappen naar een nog nieuwere versie.

Alles koek en ei dan?


Toch niet.

Hoewel 3D printen minder materiaal verbruikt, is het een energieintensief proces om het materiaal te verwarmen om het voldoende te smelten om het te gebruiken.

Door de gebruikte additieven is het bovendien niet heel gezond om een 3D printer in huis te hebben – laat staan in een slaapkamer. De polymeren op zich kunnen bovendien allergische reacties opwekken.

Een ander nadeel is de verleiding om ‘rommel’ af te drukken. Niet alleen zit er op de goedkopere printers nog een tolerantie die tot veel slechte afdrukken leidt, de drempel wordt verlaagd om eender welk gimmick in realiteit te bekijken.